Kamerik
Het gebied van (de latere gemeente) Kamerik lag hoog in het veen en de
vroegste tekenen van bewoning dateren uit de 10de eeuw toen de
bisschop van Utrecht de woeste veengronden liet ontginnen. De
namen van de ontginningen zijn nog terug te vinden in de oude poldernamen en
gerechten zoals Teckop, Kamerik Mijzijde, Kamerik Teylingens, ‘s-Gravesloot en
de beide Houtdijken.
Van de Oude Rijn bij Woerden tot de Ouden-Dam wordt het gebied doorsneden door
de Kamerikse Wetering.Langs deze wetering, die tot het midden van de 14de
eeuw onderdeel was van de scheepvaartweg tussen Woerden en Amsterdam, ontstond
geleidelijk het dorp Kamerik rondom de aan St. Hippolytus gewijde kerk.
De
uit ca. 1500 daterende huidige kerk heeft waarschijnlijk een voorganger gehad
uit de 10e eeuw, gezien de houten lijkkisten die in de kerk zijn
gevonden.Tijdens de reformatie ging deze kerk over naar de protestanten.
Aanvankelijk zal de hele gemeenschap wel meegegaan zijn met pastoor Dael, die in
zijn kerk de nieuwe leer verkondigde. Zij die katholiek bleven waren in het
vervolg aangewezen op schuilkerken in de omgeving. Maar de Hollandse missie wierp
zijn vruchten af. Zelfs in Woerden waar bijna de gehele bevolking de nieuwe leer
had aangenomen, blijkt zo’n 50 jaar later alweer een groot percentage
katholiek te zijn.
Zo was het mogelijk dat er omstreeks 1700 een katholieke kerk gesticht werd in
Teckop, hoewel dat volgens de plakkaten verboden was. Teckop was echter Hollands
grondgebied, waar de wet wat soepeler werd gehanteerd dan in het Stichtse. Deze
kerk heeft dienst gedaan tot 1855 toen een nieuwe St. Hippolytuskerk werd
gebouwd langs de wetering. Rondom deze kerk ontwikkelde zich de buurtschap (de)
Kanis.
Het dorp Kamerik groeide maar langzaam wat voor een deel kan worden verklaard uit de geringe samenhang. Begin 1800 waren er drie gemeenten: Kamerik en de Houtdijken, Kamerik Mijzijde en ‘s-Gravensloot. Teckop behoorde op dat moment nog onder Harmelen. Deze afzonderlijke gemeenten hadden overigens wel gemeenschappelijke belangen. Met name het onderwijs en het salaris van de koster behoorden tot de gezamenlijke lasten. In 1857 werden de afzonderlijke gemeenten samengevoegd tot de gemeente Kamerik.
Kamerik behield zijn agrarisch karakter en een landelijk aanzien. De
productie van melk en kaas was zeer belangrijk. Pas in de tweede helft van de 20ste
eeuw werd een bescheiden industriegebied ontwikkeld.
Vanaf 1989 behoort Kamerik (evenals Zegveld) tot de gemeente Woerden.
(terug naar overzicht werkgebied)